| 2 april 2019 – ZEP Nieuws |

Het kabinet kende medio 2018 ruim 120 miljoen euro toe aan verschillende Nederlandse gemeenten om woningen aardgasvrij te maken. Een half jaar later blijkt er vanuit de woningstichtingen nauwelijks interesse te zijn voor de bouw van NOM-woningen.

Enkele weken geleden stuurde minister Ollongren een evaluatierapport van CE Delft naar de Tweede Kamer. Hieruit bleek dat woningstichtingen vooral de laatste stap veel te ingewikkeld vinden.

Slechts 6000 nieuwe aardgasvrije woningen

In het programma Aardgasvrije Wijken uit het regeerakkoord is afgesproken dat er jaarlijks 30 tot 50 duizend aardgasvrije woningen bij komen. Om woningstichtingen te stimuleren werd de Wet Energieprestatievergoeding (EPV) in het leven geroepen. Vanaf 1 juli 2018 moeten nieuwbouwwoningen (in principe) aardgasvrij worden opgeleverd. Een half jaar later blijkt het resultaat tegen te vallen: er zijn slechts 6000 Nul-op-de-meter (NOM) woningen gerealiseerd.

Warmtepomp en zonnepanelen

Een Nul-op-de-meter woning is een woning die energieneutraal is. Dit betekent dat de energieopwek evenredig is aan het energieverbruik: Er staat dan nul op de meter. Meestal wordt de gasvoorziening afgesloten en vervangen door een warmtepomp. Door slimme toepassingen en goede isolatie wordt het energieverbruik verlaagd. De elektriciteit die de woning en de warmtepomp nodig hebben komt van een dak vol zonnepanelen.

Alternatieven voor NOM-woningen

Het kabinet stelt openlijk vraagtekens bij de huidige groei van NOM-woningen, te meer omdat ook het onderzoeksbureau CE Delft de toekomst van deze aardgasvrije woningen niet zonnig inziet. Door stijgende bouwkosten en gebrek aan personeel dreigen NOM-woningen zelfs duurder te worden in plaats van goedkoper. VVD en CDA hebben minister Ollongren gevraagd om betaalbare alternatieven te zoeken voor het duurzaam verwarmen van woningen.

Bron: Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland (RVO), CE Delft, Rijksoverheid

Deel deze pagina:

Geef een reactie

Of