Recordinvesteringen in het elektriciteitsnet
Volgens het rapport FIEN26 investeren TenneT, Gasunie en de regionale netbeheerders tussen 2026 en 2040 jaarlijks 13 tot 18 miljard euro in elektriciteits-, gas-, waterstof- en warmtenetten. Het zwaartepunt ligt bij het elektriciteitsnet: daarvan bedraagt de jaarlijkse investeringsopgave circa 12 tot 16 miljard euro. In totaal gaat het om een bruto-investeringsvolume van 220 miljard euro tot 2040, waarvan 8 miljard direct door klanten wordt betaald via eenmalige aansluitvergoedingen. Elektrificatie van industrie, mobiliteit en gebouwde omgeving is de belangrijkste aanjager van deze groei.
Energiebeleid stuurt de rekening
De hoogte van de investeringen blijkt sterk te schommelen met politieke keuzes. In FIEN26 is gerekend met 30 gigawatt wind op zee in 2040, minder dan in de vorige studie. Dat drukt de totale investeringsopgave. Het nieuwe kabinet stuurt in het coalitieakkoord echter op 40 gigawatt, wat de benodigde investeringen opnieuw miljarden hoger kan maken. De boodschap van de netbeheerders: zij voeren uit wat in Den Haag wordt besloten. Aanpassingen in energie- en industriebeleid vertalen zich direct in extra of juist lagere kosten voor de infrastructuur.
Grote miljardeninvesteringen, maar ook besparingsruimte
De investeringsopgave is groot, maar niet in beton gegoten. Keuzes in ruimtelijke ordening, clustering van energie-intensieve activiteiten en slim ontwerp van het net kunnen forse besparingen opleveren. Daarnaast kunnen netbeheerders efficiënter bouwen en bestaande netten beter benutten. Netgebruikers spelen ook een rol: wie zuiniger en flexibeler met energie omgaat, helpt de piekbelasting en daarmee de noodzakelijke netverzwaring te beperken. Zo ontstaat ruimte om de totale rekening voor het energiesysteem te dempen.
Nieuwe tariefstructuur moet rekening eerlijker verdelen
De miljardeninvesteringen werken door in de energierekening. Onder het huidige tariefstelsel, met een vast bedrag per aansluiting, zouden de jaarlijkse netkosten voor huishoudens oplopen tot circa 1.200 euro in 2040 (prijspeil 2026). Daarom wordt gewerkt aan een nieuw, tijdsafhankelijk kWh-gebaseerd tariefstelsel voor kleinverbruikers. Buiten piekuren wordt de netvergoeding lager dan in drukke uren. Daarmee ontstaat meer samenhang tussen daadwerkelijk gebruik en kosten, en krijgen huishoudens een financiële prikkel om hun verbruik te verschuiven. Volgens de netbeheerders kan een meerderheid van de huishoudens zo uiteindelijk minder gaan betalen dan bij het huidige systeem.






















Geef een reactie
Je moet ingelogd zijn op om een reactie te plaatsen.