Minister Wiebes van Economische Zaken & Klimaat heeft een definitief wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer. Hierbij wordt de afbouw van de salderingsregeling definitief, maar deze wordt wel langzamer uitgevoerd.

Salderingsregeling

      5699x gezien   3 reacties

Salderingsregeling tot 2023

De huidige salderingsregeling blijft tot 1 januari 2023 bestaan. Dit betekent dat consumenten tot deze datum nog mogen salderen en zo nog steeds hetzelfde bedrag voor de teruglevering krijgen als die zij betalen voor hun elektriciteitsverbruik, inclusief belastingen. Daarnaast wordt de regeling ook minder snel afgebouwd.

Afbouw salderingsregeling minder snel

In eerste instantie werd voorgesteld om het percentage dat mag worden gesaldeerd na 2023 jaarlijks met 11 procent te verlagen. Dit is in het nieuwe wetsvoorstel nog maar 9 procent. In 2030, het laatste jaar van de regeling, wordt dan nog 28% gesaldeerd. Daarna stopt het salderen helemaal.

afbouw salderingsregeling

Ondergrens terugleververgoeding

Vanaf 1 januari 2031 is de terugverdientijd volledig afhankelijk van het directe verbruik én de vaste terugleververgoeding. Deze vergoeding spreekt uzelf met de energieleverancier af. Om de terugverdientijd op gemiddeld 7 jaar te houden heeft Wiebes een wettelijke ondergrens bepaald. Deze is 80 procent van de marktprijs (exclusief belastingen). Dit komt neer op zo’n 6 cent per kWh./

Onderzoek TNO

Om tot dit wetsvoorstel te komen deed het TNO onderzoek naar de impact die het verdwijnen van de salderingsregeling heeft op de terugverdientijd. Volgens het onderzoek verdienen consumenten die in 2020 zonnepanelen aanschaffen de zonnepanelen binnen 7 jaar terug. Daarna ligt de terugverdientijd zo rond de 8 á 9 jaar./

terugverdientijd zonnepanelen

Reactie NVDE en Vereniging Eigen Huis

Marktpartijen NVDE en Vereniging Eigen Huis zijn vooral blij met de duidelijkheid die minister Wiebes schept met het nieuwe voorstel. Daarnaast vinden zij voor de continuering van de groei van zonnepanelen de gemiddelde terugverdientijd van 7 jaar acceptabel. Ook de wettelijke ondergrens speelt hierin een belangrijke rol. Beide partijen hopen dat het kabinet nu van de regeling afblijft./