Het oordeel van het hof

De zaak draait om een klant van Holland Energie. Die had een dynamisch contract met uurprijzen in 2022. De leverancier saldeerde belastingen per jaar en rekende energie per uur. Dat mag niet, zegt het hof. Leveranciers moeten verbruik en opwek volledig wegstrepen op jaarbasis. Alleen het restant mag tegen contractprijzen afgerekend worden. “De wet is leidend,” oordeelde de rechter. Holland Energie wees op het belang van timing en marktprijzen. Dat woog niet op tegen de wettelijke plicht. De klant krijgt duizenden euro’s terug, plus de opzegboete.

Dynamische prijzen wringen

Dynamische tarieven wisselen elk uur of kwartier. Dat botst met salderen per jaar. Veel leveranciers salderen daarom fiscaal per jaar en rekenen energie per uur. Het bekende voorbeeld laat de pijn zien. Iemand wekt 1.000 kWh op in de zomer tegen 5 cent. Dat levert 50 euro op. In de winter verbruikt diezelfde persoon 1.000 kWh tegen 25 cent. Dat kost 250 euro. Ondanks gelijke kWh resteert 200 euro. Dat mag niet, stelt het hof. Het hof schetst een uitweg: reken het restant af tegen een gewogen jaarprijs. Die is gebaseerd op de dagvooruitmarkt. Dat haalt echter de kern uit uurbeprijzing. Daarom gebeurt het in de praktijk amper.

De methode Bontenbal

De sector wijst op de “methode Bontenbal”. Die saldeert niet in kWh, maar in euro’s. Leveranciers tellen opbrengsten en kosten per tariefperiode op. Aan het einde trek je de potjes van elkaar af. De Tweede Kamer steunde dit via een amendement. De Eerste Kamer verwierp echter de salderingsafbouwwet. Daarmee viel het amendement weg. Het hof blijft daarom bij de huidige wet. Salderen per tariefperiode is niet de bedoeling. Het doel is kleinverbruikers voordeel geven over het jaar. Tijdstipverschillen worden zo geneutraliseerd.

Toezicht en vooruitzicht

De Geschillencommissie Energie vond salderen per tariefperiode wel verdedigbaar. De wet is onduidelijk, stelde de commissie. Het Kameramendement woog mee in die lijn. De Vereniging van Dynamische Energieleveranciers (VvDE) ziet daarom geen noodzaak voor een koerswijziging. De ACM zegt: salderen moet per jaar. Toch handhaaft de toezichthouder nu niet actief. Er zijn volgens de ACM andere prioriteiten. Klanten kiezen bewust voor dynamische contracten. Intussen nam het kabinet een besluit. De salderingsregeling wordt in één keer afgeschaft. Na inwerkingtreding is salderen niet meer aan de orde. En daarmee eindigt de discussie feitelijk.

Meer over de salderingsregeling

  • Jouw feedback
  • 0   0

Geef een reactie